Rosemijn Wijnen: Over werken als luchtverkeersleider

We bestaan in oktober 2021 precies 65 jaar. In een driedelige serie verhalen over Rotterdam The Hague Airport blikken we terug op 65 jaar vliegveld geschiedenis in deze regio en kijken we vooruit op wat er de komende jaren gaat komen om als luchthaven constant in beweging te blijven. Dit keer gaan we in gesprek met Rosemijn Wijnen over het beroep luchtverkeersleider bij de Luchtverkeersleiding Nederland (LVNL) op Rotterdam The Hague Airport.

Luchtverkeersleider op Rotterdam The Hague Airport
Rosemijn Wijnen is luchtverkeersleider in opleiding bij Luchtverkeersleiding Nederland (LVNL). Omdat er door corona weinig vliegverkeer was stond de on-the-job training van nieuwe luchtverkeersleiders onder druk, omdat er niet geoefend kon worden met een representatief verkeersbeeld. Gelukkig was er voor Rosemijn op Rotterdam The Hague Airport plaats voor een assistent luchtverkeersleider. Ze is blij met deze functie.
Rosemijn komt uit Bergschenhoek en kende de luchthaven natuurlijk wel. Via één van de verkeersleiders hoorde ze over de opleiding tot luchtverkeersleider. Ze mocht een paar keer in de toren kijken en heeft zo een goed beeld gekregen van wat de functie inhoudt. Het trok haar erg aan maar toch is ze eerst Lucht- en Ruimtevaartechniek gaan studeren in Delft. Ze heeft haar bachelor afgemaakt, maar ze vond de opleiding te theoretisch. Toen is ze zich meer gaan verdiepen in de opleiding tot luchtverkeersleider en besloot er voor te gaan.

Lange weg
De selectieprocedure duurde wel een jaar. “Luchtverkeersleiders zijn toch wel een specifiek soort mensen”, zegt ze. “Je moet creatief zijn, out of the box kunnen denken en goed met werkdruk om kunnen gaan. Ruimtelijk inzicht is belangrijk en een goed geheugen. Daarnaast snel kunnen schakelen en besluitvaardig zijn”. De selectieprocedure bestaat uit een groot aantal rondes en uiteindelijk mag je in een simulator laten zien of het werk van verkeersleider bij jou past. Daarna volgt er nog een medische keuring. Als je daar doorheen bent kun je beginnen aan de theoretische opleiding van vijf maanden. Daar komen zaken aan de orde als meteorologie, wetgeving, de werking van een vliegtuig enz. Daarna kun je de praktijk in. “Dit is eerst heel basic”, zegt Rosemijn. “Je gaat oefenen met radio telefonie, met standaard zinnen en basic situaties in de simulator. Dit doe je een paar weken zodat je weet hoe de terminologie werkt. Dan wordt je geplaatst en oefen je verschillende delen van het verkeersleiders werk in de simulator om te zien wat het beste bij je past. Dan pas kun je de echte opleiding in. Die is voor ieder stuk van het werk heel anders. Je oefent alles in de simulator. Langzaam bouwt het zich uit tot de meest bizarre situaties die je kunt bedenken. Met het idee dat je op alles voorbereid moet zijn” Later zal Rosemijn verder gaan met de opleiding tot luchtverkeersleider.

Onderdeel van een team
“Ik vind het werken op een kleine luchthaven erg leuk”, zegt ze “De afwisseling van het werk. Het ene moment erg rustig en dan weer heel druk, je werkt met mensen en ziet direct resultaat van wat je doet.
Een verkeersleider fungeert als de ogen en de oren van de piloot vanaf de grond. Je zorgt dat alle piloten kunnen doen wat ze willen en dat alles zo veilig en efficiënt mogelijk verloopt. Door de kleinschaligheid sta je dicht bij de vliegers. Bij slecht weer is iedereen super gefocust. Er ontstaat dan een heel bijzondere sfeer waarbij je met z’n allen gericht bent op het veilig navigeren van het vliegverkeer. Je voelt je dan echt onderdeel van een team en dat is heel vet”.