RTHA test veiligheidsprocedures voor waterstofluchtvaart tijdens Europese ALBATROS-oefening
Op Rotterdam The Hague Airport (RTHA) heeft vanochtend, 25 november 2025, een grootschalige veiligheidsoefening plaatsgevonden in het kader van het Europese onderzoeksproject ALBATROS. In dit project werken 21 partners uit heel Europa samen aan oplossingen om de luchthavens van de toekomst veiliger, veerkrachtiger en duurzamer te maken. RTHA is één van de drie geselecteerde demonstratieluchthavens, naast de luchthavens van Athene (Griekenland) en Beja (Portugal).
Voorbereiden op de toekomst
ALBATROS richt zich op mogelijke toekomstige ontwikkelingen in de luchtvaart, zoals elektrische en waterstofvliegtuigen. Omdat deze technologieën andere risico’s en operationele uitdagingen met zich meebrengen dan traditionele kerosine, ontwikkelt het project nieuwe procedures om luchthavens hier goed op voor te bereiden. Waterstof gedraagt zich bij een lekkage anders: het is kleurloos en reukloos, waardoor het moeilijk te detecteren is. Bij een waterstofbrand is de vlam vrijwel transparant en dus nauwelijks met het blote oog zichtbaar. Dit vraagt om nieuwe detectiemethoden, aangepaste blusstrategieën en andere evacuatieprotocollen. De oefening van vandaag was volledig gericht op het testen van deze conceptprocedures voor noodsituaties met een waterstofvliegtuig.
Realistisch noodscenario met Aegean A320neo
Tussen 10.00 en 13.00 uur werd een noodsituatie geoefend met een vliegtuig dat in dit scenario als waterstofvliegtuig fungeerde. Om 10.10 uur landde een A320neo van Aegean Airlines op RTHA, nadat tijdens de vlucht ‘door turbulentie een gesimuleerde waterstoflekkage werd gemeld’. De luchthavenbrandweer en de havendienst rukten daarop uit volgens aangepaste protocollen en begeleidden het toestel met twee crashtenders naar het Alpha-platform. Aan boord bevonden zich op dat moment twee piloten, de cabin crew en een projectleider die de oefening vanuit het toestel aanstuurde.
Vrijwilligers aan boord voor vervolgscenario
Na de eerste inzet werd de oefening gepauzeerd om 40 vrijwilligers als ‘passagiers’ aan boord van het vliegtuig te laten gaan. Het merendeel bestond uit studenten Luchtvaartdienstverlening van het Albeda College, dat naast RTHA is gevestigd en zich vrijwillig had aangemeld, aangevuld met enkele RTHA-medewerkers. Hierdoor konden de evacuatieprocedures met ‘passagiers’ op een realistische manier worden geoefend.
Brandbestrijding en drone-inzet voor realtime informatie
Nadat iedereen aan boord was, werd de oefening hervat. Nabij het vliegtuig waren speciale warmte-matten geplaatst om een brand na te bootsen, zodat een drone livebeelden en warmte-informatie aan de hulpdiensten kon leveren. De inzet van de drone is van grote waarde bij waterstofincidenten, omdat hittebronnen en brandhaarden niet altijd met het blote oog zichtbaar zijn en dergelijke systemen kunnen helpen om sneller een situatiebeoordeling te maken.
Met behulp van de drone detecteerde de luchthavenbrandweer warmte aan de achterzijde van het toestel en begon daar te blussen. Hoewel er geen echte waterstofbrand was, werd wel met echt bluswater gewerkt om het scenario zo realistisch mogelijk na te bootsen. Daarna startte de cabin crew met de evacuatie van de passagiers.
Belangrijke stap binnen Europees project
Tijdens de oefening beoordeelden de betrokken projectteams of de nieuwe procedures in de praktijk effectief, veilig en uitvoerbaar zijn. De bevindingen vormen een eerste stap; er is nog meer praktijkonderzoek nodig om de procedures verder door te ontwikkelen en te optimaliseren. Op basis van deze inzichten kunnen de conceptprocedures waar nodig worden aangepast en mogelijk in de toekomst opgenomen in Europese veiligheidsrichtlijnen. Met deze demonstratie levert Rotterdam The Hague Airport een belangrijke bijdrage aan de ontwikkeling van nieuwe veiligheidsstandaarden voor de luchtvaartsector.





















