Artikel

‘Vroeger liep je gewoon het platform op. Als je dat nu vertelt, klinkt het bijna bizar’ 

1 oktober 2026

Gerbrand werkte jarenlang als havenmeester op Rotterdam The Hague Airport. Inmiddels is hij al veertien jaar weg, maar helemaal loslaten doet hij de luchthaven niet. Dennis werkt vandaag als Duty Manager Airside bij de havendienst. Twee generaties, één luchthaven en een hoop veranderingen.

Samen kijken ze terug op hoe het werk in de afgelopen decennia veranderde. Van een kantoor met een telefoon en een luidspreker tot live vluchtinformatie. En waar je vroeger gewoon het platform op liep, is er nu voor alles veel meer regelgeving. Maar ook: staatsbezoeken, Europacupfinales, uitwijkers en een nieuwe generatie collega’s.

‘Hier ben ik ooit begonnen’

Gerbrand: “Ik ben hier ooit begonnen, in 1972. En dat was dus in deze kamer. Toen zag het er natuurlijk heel anders uit. Het was meer een soort huiskamer. Er stond een houten bureau, een bankje en verder eigenlijk niet zoveel. We hadden een telefoon en een luidspreker waarop we de vliegtuigen konden horen. Dat was het zo’n beetje.

Als ik nu om me heen kijk, is dat bijna niet meer voor te stellen. Jullie hebben hier allerlei systemen en schermen staan. De planning van waar de vliegtuigen komen te staan, gaat natuurlijk ook heel anders. Toen hadden we daar helemaal niet de apparatuur voor. Het was allemaal een stuk primitiever.”

Dennis: “Wat grappig! We zitten hier sinds kort weer met de havendienst in deze ruimte. De kantoren zijn helemaal vernieuwd. En die luidspreker hebben we inmiddels wel iets gemoderniseerd. We hebben nu verschillende kanalen en allerlei systemen. Maar de basis is eigenlijk nog hetzelfde. Hier houden we het overzicht en sturen we de operatie aan.

We hebben nu bijvoorbeeld FlightRadar en ADS-B. Daarmee kunnen we precies zien waar vliegtuigen zijn. Zodra een vliegtuig vanuit bijvoorbeeld Spanje of Portugal vertrekt, krijgen we daar al informatie over binnen. Dan kunnen we hier alvast de operatie voorbereiden. Je kunt vooruitkijken en veel sneller schakelen.”

Gerbrand: “Dat was vroeger wel anders. Als er een vliegtuig uit Spanje moest komen, wist je natuurlijk dat het moest komen, maar verder was het vooral afwachten. Je was veel meer afhankelijk van de informatie die onderweg binnenkwam. Wij hadden zo’n aankomstbord met van die klapperende letters. Dat was onze informatievoorziening.

Maar als ik zo kijk, is het eigenlijk nog steeds hetzelfde werk. Je moet weten wat er aankomt, wat er vertrekt en zorgen dat alles op het juiste moment op de juiste plek staat. Alleen hebben jullie daar nu veel meer middelen voor.”

Dennis: “En als er iets verandert, kunnen we dat ook meteen verwerken. Een vertraging heeft bijvoorbeeld gevolgen voor de gate, de bussen en andere vliegtuigen die eraan komen. Je bent eigenlijk continu aan het bijsturen. Dat overzicht houden is nog steeds de kern van het werk.”

‘Vroeger was het bijna een sport om alles kwijt te kunnen’

Gerbrand: “Het was vroeger trouwens niet altijd rustig. Als Schiphol last had van mist, kwamen er vliegtuigen hier uitwijken. Dan was het bijna een sport om ze allemaal kwijt te kunnen. Ze stonden soms echt heel dicht op elkaar. Anderhalve meter ertussen en de tankwagens moesten er gewoon tussendoor.

Met grote evenementen was het helemaal feest. We hebben hier verschillende Europacupfinales gehad. Dan kwamen er allerlei supportersvliegtuigen binnen en stond het platform ineens helemaal vol. Die vliegtuigen werden gelukkig wel ruim van tevoren aangekondigd, dus je kon je voorbereiden. Maar het bleef bijzonder om te zien wat er dan ineens allemaal stond.”

Dennis: “Dat soort situaties zijn er nog steeds. We zijn nog altijd uitwijkluchthaven van Schiphol. Als Schiphol bijvoorbeeld door onderhoud aan een baan of door slecht weer minder capaciteit heeft, krijgen wij de vraag hoeveel vliegtuigen we kunnen opvangen. Dan moeten we echt kijken waar we ze kwijt kunnen en of we eventueel een taxibaan anders kunnen gebruiken.

Op drukke dagen kan het hier behoorlijk vol staan. Dan moet je niet alleen naar de vliegtuigen kijken, maar ook naar alles wat eromheen gebeurt: de tankwagens, de bagage, de passagiers en de mensen die buiten werken. Alles moet uiteindelijk op elkaar aansluiten. Dat is echt teamwork.”

‘Staatsbezoeken waren echt bijzondere momenten’

Gerbrand: “Staatsbezoeken vond ik ook altijd mooi. Als er zo’n vliegtuig kwam, stond iedereen klaar. Dan moest alles goed worden afgestemd en wist je dat er extra aandacht voor was. Dat vond ik juist leuk aan dit werk: je wist nooit precies hoe je dag eruit zou zien. Je kon een normale dienst beginnen en ineens stond er iets compleet anders op het programma.

Dat gevoel herken ik eigenlijk nog steeds wanneer ik hier rondloop. Ook nu heb je bijzondere vluchten en momenten waarop alles tegelijk gebeurt.”

Dennis: “Dat is voor mij ook een van de leukste kanten van het werk. Geen dienst is precies hetzelfde en soms komt er iets bijzonders op je pad. Vandaag hebben we bijvoorbeeld zo’n moment, want er komt een nieuwe airline uit Griekenland aan. De verbinding met Athene komt vandaag voor het eerst binnen. Daar moet je natuurlijk alles goed voor voorbereiden en organiseren.

Bij zo’n bijzondere vlucht merk je meteen hoe belangrijk het is dat de communicatielijnen kort zijn. Je hebt met verschillende partijen te maken en iedereen moet weten wat er wanneer gebeurt.”

Gerbrand: “Dat vind ik wel leuk. Dan heb ik tijdens mijn bezoek meteen een mooie primeur te pakken.”

‘Vroeger kon je gewoon het platform op’

Gerbrand: “Er is wel iets waarvan ik denk: dat is écht anders geworden. Vroeger kon je gewoon met de auto het platform op. Je reed bijvoorbeeld naar Jet Aviation, dronk daar een kop koffie en reed weer terug. Je kon vroeger ook gewoon even ergens naar binnen lopen. Als je daar nu aan terugdenkt, is dat eigenlijk best bizar.

Toen ik begon, waren er ook nauwelijks werkinstructies. Je werd vooral ingewerkt door de mensen die er al zaten. Er waren weinig boekwerken waarin precies stond hoe je iets moest doen. Je leerde het vooral in de praktijk.”

Dennis: “Dat is nu totaal anders. Het platform is beveiligd gebied en als je ergens naartoe wilt, moet je eerst volledig gecontroleerd worden. Er zijn veel meer regels en procedures bijgekomen. Voor nieuwe collega’s en stagiairs maken we opleidingsplannen en zorgen we dat ze precies weten wat ze doen en waarom.

Dat is natuurlijk ook logisch. Door de jaren heen zijn luchthavens steeds strenger beveiligd, complexer geworden en zijn er steeds meer regels en procedures bij gekomen. Dan moet je ook goed vastleggen hoe je werkt.”

‘We waren veel meer aan het pionieren’

Gerbrand: “Toch heb ik die periode wel echt als heel leuk ervaren. We waren veel meer aan het pionieren. Je moest soms zelf uitzoeken hoe je dingen aanpakte. Er was minder vastgelegd en je moest meer op je eigen ervaring en die van je collega’s vertrouwen.

En de luchthaven was natuurlijk ook veel kleinschaliger. Toen ik hier werkte, waren er veel minder vliegtuigen en maatschappijen. Transavia was er al en Pegasus volgens mij ook. Maar het was allemaal veel kleiner dan nu.”

‘Als je hier zo lang hebt gewerkt, laat je het niet helemaal los’

Dennis: “Je bent nu veertien jaar weg, maar je volgt de luchthaven nog steeds?”

Gerbrand: “Ja, absoluut. Ik kijk eigenlijk iedere dag wel even naar de vluchten op Rotterdam. Als je hier zo lang hebt gewerkt, laat je het niet helemaal los. Ik heb hier ook gewoon een hele leuke tijd gehad.

Ik heb staatsbezoeken meegemaakt, Europacupfinales, uitwijkers. Er gebeurde altijd wel iets. Ik heb nog wat dvd’s en foto’s uit die tijd en vanochtend heb ik zelfs nog in het archief gekeken. Niet alles heb ik meer kunnen vinden, maar ik heb nog genoeg herinneringen.

En toch herken ik nog steeds heel veel. Dat vind ik misschien nog wel het leukste. Ik ben hier ooit begonnen op de plek waar jij nu zit. Dan is het bijzonder om hier zoveel jaar later weer rond te lopen en te zien hoe het allemaal veranderd is.”

Dennis: “Dat maakt het ook wel bijzonder. Je kunt niet alleen aan de systemen en de gebouwen zien wat er is veranderd, maar ook aan de verhalen van mensen die hier al veel langer werken. Voor mij is het juist leuk om die verhalen te horen. Je krijgt daardoor een heel ander beeld van hoe het vroeger ging.”

‘De auto’s zijn veranderd, maar de koffie blijft’

Dennis: “Wat vond je eigenlijk van je bezoek?”

Gerbrand: “Heel leuk. Eigenlijk leuker dan ik had verwacht. Ik heb weer veel oude plekken gezien en allerlei herinneringen opgehaald. Het is bijzonder om hier na zoveel jaar weer rond te lopen. Ik ben ooit begonnen op de plek waar jij nu zit en als je dan ziet hoe alles is veranderd, maar ook hoeveel er nog herkenbaar is, is dat wel mooi.

De techniek is natuurlijk totaal anders. De auto’s zijn veranderd, de systemen zijn veranderd en er zijn veel meer regels. Maar uiteindelijk blijft het mensenwerk. Je moet elkaar snel weten te vinden en samen zorgen dat de operatie goed verloopt. Dat was vroeger zo en dat is nu nog steeds zo. En je moet ook een beetje van het onverwachte houden. Anders moet je hier niet werken.”

Dennis: “Dat herken ik wel. En het is mooi om te horen hoe het er vroeger aan toeging. Uiteindelijk blijft het een luchthaven, met alles wat daarbij hoort. Dan hebben we na 70 jaar Rotterdam The Hague Airport volgens mij wel een gebakje verdiend.”

Gerbrand: “Daar ben ik het helemaal mee eens. Van gebak zijn ze hier in Rotterdam in ieder geval nooit vies geweest.”

Dennis: “Kijk, en dát is dan weer iets wat nooit verandert.”